Een verdiepend gesprek over relatietherapie tijdens onze Open Deur Dag

Tijdens de Open Deur Dag gingen Veronique Bundervoet en Ann Deconynck met elkaar in gesprek over hoe relaties vandaag onder druk staan — en vooral over hoe relatietherapie mee geëvolueerd is met die realiteit. Het werd geen theoretisch betoog, maar een gelaagde reflectie, stevig verankerd in de dagelijkse praktijk.

 

Vertrekken vanuit een systemisch en contextueel mensbeeld

Binnen onze praktijk kijken we zelden naar relationele moeilijkheden als een geïsoleerd probleem van één persoon. We vertrekken vanuit een systemisch en contextueel mensbeeld, waarin mensen altijd ingebed zijn in relaties: partnerrelaties, gezinnen van herkomst, eerdere betekenisvolle verbindingen, en bredere sociale contexten.

Relationele spanningen worden dan ook niet gezien als ‘fouten’ in het functioneren van een koppel, maar als signalen die iets vertellen over onvervulde noden, kwetsuren en botsende behoeften. Precies dat perspectief vormde de rode draad doorheen het interview.

 

Van communicatieproblemen naar emotionele onderstroom

Relatietherapie heeft de voorbije decennia een duidelijke verschuiving doorgemaakt. Waar de focus vroeger vaak lag op communicatievaardigheden — leren praten, leren luisteren — gaan we vandaag veel verder.

In het gesprek werd benadrukt dat communicatieproblemen zelden de kern vormen. Ze zijn meestal het zichtbare topje van een diepere emotionele dynamiek. Wat speelt er onder de ruzie? Welke angst, welk verlangen, welke pijn wordt geraakt?

Relatietherapie onderzoekt daarom:

  • welke noden en behoeftes elk van beide partners meebrengt
  • welke oude kwetsuren geactiveerd worden in het contact
  • en hoe partners samen net dat ene stapje verder kunnen zetten, richting meer veiligheid en verbinding

 

 

Inspiratiebronnen die richting geven

Onze manier van werken laat zich voeden door verschillende invloedrijke denkkaders binnen de relatietherapie.

  • Sue Johnson benadrukt het belang van hechting en emotionele veiligheid: relaties bloeien wanneer partners zich veilig voelen bij elkaar.
  • Esther Perel brengt het spanningsveld tussen verbinding en autonomie scherp in beeld en nodigt koppels uit om na te denken over differentiatie binnen de relatie.
  • John Gottman biedt via jarenlang onderzoek concrete handvatten om relationele patronen te begrijpen en te versterken.

Deze inspiratiebronnen worden niet dogmatisch toegepast, maar geïntegreerd binnen een contextuele blik die telkens opnieuw afgestemd wordt op het unieke verhaal van elk koppel.

 

Een gedragen en consequente opleidingslijn

Tijdens het interview kwam ook een belangrijk stuk geschiedenis aan bod. Onze organisatie kreeg destijds de kans om de jaartraining Partnerrelatietherapie verder te zetten toen Jan Lens en May Michielsen met pensioen gingen.

Ondertussen starten we in april met de 11e groep van deze jaartraining. Voor de tweede keer gebeurt dit samen met René de Boer als co-trainer, waardoor ook een lichaamsgerichte invalshoek explicieter geïntegreerd wordt in het werken met koppels.

Alle therapeuten binnen onze organisatie die met koppels werken, hebben deze jaartraining gevolgd. Dat zorgt voor een gedeelde taal, een consistente visie en een herkenbare aanpak, waarvoor we in de ruime omgeving gekend zijn.

 

 

Onze concrete werkwijze met koppels

In het interview werd uitgebreid stilgestaan bij hoe relatietherapie bij ons concreet vorm krijgt:

  1. Eerste gezamenlijk gesprek
    Het verhaal van de relatie wordt opgebouwd: hoe ontmoetten partners elkaar, wat gaf betekenis, en wat vormde de aanleiding tot de huidige moeilijkheden?
  2. Individuele gesprekken
    Beide partners worden afzonderlijk gezien. Hier is aandacht voor het gezin van herkomst, eerdere relaties, persoonlijke kwetsuren en het individuele engagement binnen de relatie.
  3. Tweede gezamenlijk gesprek
    De verhalen worden samengebracht. We onderzoeken welke thema’s centraal zullen staan in de verdere therapie en hoe beide partners zich daartoe verhouden.

Deze gefaseerde aanpak helpt om complexiteit te vertragen, polarisatie te verminderen en opnieuw ruimte te creëren voor wederzijds begrip.

 

Nieuwe relationele vragen in een veranderende tijd

Relaties staan vandaag niet alleen onder druk door interne dynamieken, maar ook door maatschappelijke verschuivingen. In het interview kwamen twee duidelijke tendensen aan bod:

Andere relatievormen

Steeds meer koppels experimenteren met alternatieve definiëringen van hun relatie, zoals polyamoreuze of open relatievormen. Dit roept nieuwe vragen op rond grenzen, loyaliteit, hechting en veiligheid — vragen die niet vertrekken vanuit normen, maar vanuit afstemming en verantwoordelijkheid.

 

De kracht (en valkuil) van diagnoses

Daarnaast zien we dat partners elkaar soms labelen met diagnoses zoals borderline, narcisme of autisme. Hoewel diagnoses betekenisvol kunnen zijn, brengen ze binnen relaties vaak verharding met zich mee.

In onze aanpak proberen we die labels te ontmantelen en vertrekken we liever vanuit het idee dat ieder mens een eigen handleiding heeft. De vraag wordt dan: hoe kunnen we leren omgaan met elkaars gebruiksaanwijzing, zonder elkaar te reduceren tot een etiket?

 

Tot slot

Het gesprek tussen Veronique Bundervoet en Ann Deconynck maakte duidelijk hoe rijk, gelaagd en tegelijk hoopvol relatietherapie vandaag kan zijn. Niet door snelle oplossingen aan te reiken, maar door ruimte te maken voor wat zich onder de oppervlakte afspeelt.

Relaties zijn geen vaststaande gegevenheden. Ze zijn in beweging — en precies daarin ligt ook hun groeipotentieel.

Deze blog is een weerspiegeling van het interview maar eveneens van de manier waarop alle relatietherapeuten in ons centrum werken.

Véronique Bundervoet, Ann Deconynck, Tine Jansen, Anne Morlion, Luc Bequé, Noëlla Viaene, René De Boer, Els De Geyter.